Van het oerwoud naar het blanke ras
De zesde en zevende graad wordt vertegenwoordigd door het blanke ras!
Zo leert André zijn eigen blank lichaam dat tot de zevende graad van stoffelijke ontwikkeling behoort, kennen. De zielen waarvan het lichaam in de huidige tijd tot deze stoffelijke graad behoort zijn verspreid over de hele wereld en zien wij als de meeste mensen en volkeren die op dit moment de aarde bevolken. Naast de blanken, de Chinezen en de Japanners, behoren hier ook de mensen toe die in 1939 benoemd werden als 'het oosterse type', 'negers' en 'kleurlingen'. Over het verschil tussen hen en de zielen die in de eerste stoffelijke graden een lichaam met een donkere huidskleur bezitten, zegt meester Alcar tegen André: De Kosmologie van Jozef Rulof deel 4 p. 229
Er zijn vele rassoorten, kleurlingen dus, die toch de hoogste stoffelijke afstemming hebben bereikt. Is je dit duidelijk?'
'Ja Alcar, maar zijn die mensen door de natuur zo gekleurd?'
Ja, de kleurlingen die jij bedoelt, hebben met déze wezens [eerste drie stoffelijke graden] niets uit te staan. Maar zie deze wezens en kijk dan naar hen die je als kleurlingen ziet. Hoe groot is het verschil! Deze mensen [zielen met een lichaam uit de eerste stoffelijke graden] zijn nog niet zover, zij zijn primitief, onbeholpen en schuchter. Zij zonderen zich van de massa af en kunnen zich nog niet aanpassen. Die kleurlingen bezitten meer gevoel en zij leven tussen de blanken. Die wezens [negers en kleurlingen], dat zal je nu duidelijk zijn, bevinden zich in een heel andere toestand en hebben met ons zielenleven verbinding. Ook hun stoffelijke organisme is volmaakt en niet te vergelijken met al deze graden [laagste drie] die wij tot nu hebben gevolgd.
'Ja Alcar, maar zijn die mensen door de natuur zo gekleurd?'
Ja, de kleurlingen die jij bedoelt, hebben met déze wezens [eerste drie stoffelijke graden] niets uit te staan. Maar zie deze wezens en kijk dan naar hen die je als kleurlingen ziet. Hoe groot is het verschil! Deze mensen [zielen met een lichaam uit de eerste stoffelijke graden] zijn nog niet zover, zij zijn primitief, onbeholpen en schuchter. Zij zonderen zich van de massa af en kunnen zich nog niet aanpassen. Die kleurlingen bezitten meer gevoel en zij leven tussen de blanken. Die wezens [negers en kleurlingen], dat zal je nu duidelijk zijn, bevinden zich in een heel andere toestand en hebben met ons zielenleven verbinding. Ook hun stoffelijke organisme is volmaakt en niet te vergelijken met al deze graden [laagste drie] die wij tot nu hebben gevolgd.
Het Ontstaan van het Heelal p. 322
(...) de kleurlingen, India dus, Indische volken, die toch reeds het hoogste ras als organisme, als graad dus, hebben bereikt.
Vraag en Antwoord deel 1 p. 298
Gij weet bovendien dat de kleurlingen, als de donkere rassen, bovendien de zevende graad voor het menselijke organisme hebben bereikt en dat die kleurlingen géén oerwoudbewoners meer zijn. Negers hebben afstemming op de zesde en zevende levensgraad. Gij kunt de verhoogde bewustwording vaststellen, de oerwoudbewoner moet dat stadium nog bereiken. Dat zijn voor de negers de bloedafstemmingen en heeft niets meer te betekenen voor de zeven levensgraden.
Daardoor bevinden die mensen zich voor het huidige stadium onder het blanke ras. Dat bewustzijn is in staat de huidige maatschappij te vertegenwoordigen (...)
In de boeken van Jozef Rulof wordt de gigantische evolutie van het lichaam van de eerste tot de zevende stoffelijke graad meestal samengevat met de uitdrukking 'van het oerwoud naar het blanke ras'. Het blanke ras is immers een onderscheidend kenmerk, omdat dit alleen in de vijfde, zesde en zevende stoffelijke graad voorkomt, terwijl de donkere huidskleuren in al de zeven stoffelijke graden vertegenwoordigd zijn. Want er zijn donkergekleurde kannibalen in het oerwoud waarvan het lichaam tot de eerste stoffelijke graad behoort, en er zijn donkergekleurde 'negers' waarvan het lichaam tot de zevende stoffelijke graad behoort. Het feit dat iemand een donkere huidskleur heeft vertelt dus niets over de graad van afstemming van het stoffelijke lichaam, terwijl het blanke lichaam verwijst naar de vijfde, zesde of zevende stoffelijke graad. De term 'het blanke ras' staat in deze uitdrukking dus voor 'de hogere stoffelijke graden', met inbegrip van alle kleurtjes die in die hogere graden vertegenwoordigd zijn. Daardoor bevinden die mensen zich voor het huidige stadium onder het blanke ras. Dat bewustzijn is in staat de huidige maatschappij te vertegenwoordigen (...)
De Kosmologie van Jozef Rulof deel 4 p. 231